Zwolle

heeft kerkelijk altijd tot het kerspel Groenlo behoord. Maar nadat het gebied van de latere stad Groenlo in 1236 door een waarschijnlijk in geldnood verkerende heer van Borculo aan de graaf van Zutphen werd verkocht, bleef Zwolle als een uithoek deel uitmaken van de heerlijkheid Borculo. Eind 15e, begin 16e eeuw werd Zwolle met de eveneens tot het kerspel Groenlo behorende buurschappen Avest, Beltrum en Lintvelde in de voogdij Beltrum ondergebracht. De buurschap Zwolle en delen van Avest (waaronder het industrieterrein Laarberg) en Voor-Beltrum zijn overgegaan naar de gemeente Oost Gelre. In het noorden van de buurtschap heeft een grote steenoven gestaan, waar stenen voor de vestingwerken van Groenlo gebakken zijn. Als gevolg van de oorlogstoestand was de buurschap aan het eind van de 16e eeuw meerdere jaren ontvolkt. Veel Zwollenaren verbleven gedurende die jaren in de veste Grol (Groenlo). Historisch interessant in Zwolle zijn de herberg "'t Reirinck", het Erve Wissinck, met een schuilkerk, en het natuurpark de Leemputten.